Het eerste stuk van Baarn naar station Amersfoort kenmerkte zich door saaiheid. Eén lange weg langs het station. Telkens probeerde ik terug te denken aan wat wel kenmerkend is voor deze tocht. Niet de mooie plekken uitgezocht en één richting uit. Er was destijds geen weg meer terug. Het dwingt je als het ware terug te denken aan al die mensen die dachten gewoon in een werkkamp terecht te komen. Alhoewel ik dit ook wel wat vreemd vind. Als je met de trein gaat naar een bestemming gooi je namelijk meestal geen afscheidsbriefjes uit de trein. Het gevaar moet ergens gesluimerd hebben al dan niet in het onderbewuste. Ik probeer me de gesprekken voor te stellen, geruststellend misschien zo van 'ooit keren we terug', 'het is maar tijdelijk' of 'laten we nou maar doen wat die Duitsers zeggen, dan valt misschien alles daarna wel mee'. Ik probeer me de kleine Remi voor te stellen. Helemaal alleen op schoot van misschien wel een kinderverzorgster uit de Hollandse Schouwburg. Geen weg terug. Op weg naar, voor de meeste mensen, de dood.
Am Israël chai! Dat is mijn slogan deze wandeling. Israël leeft! Ondanks alle dreiging heeft dat kleine volkje zich na de oorlog aardig weten te ontwikkelen. Het land, het volk en de geschiedenis draag ik mee in mijn hart. Terugdenkend aan 7-10 glijdt er een huivering over mij heen. Je moet maar durven om de oogappel van de Eeuwige aan te raken. Ik loop voor Israël namelijk om de kibboets Be'eri weer op te bouwen. Eén van de gelukkigste tijden van mijn leven was de tijd die ik beleefde op de kibboets, Ik heb er niet eens zo lang gebivakkeerd. Dat heerlijke eenvoudige leven. Die heerlijke eenvoudige kibboetsen waren er vlak nadat Israël als staat uitgeroepen werd. Een fantastische uitvinding om vanuit die eenvoudige pioniersgemeenschappen de samenleving uit te bouwen. Ik heb diep respect over de manier waarop zo'n uit de trauma herrezen volkje een ontwikkelde natie heeft gecreëerd. En ja, ik heb ook diep verdriet over wat de Gazanen op dit moment meemaken al heb ik wel grote twijfels over de manier waarop de pers hiermee omgaat. Ik ben inmiddels gestopt met het nieuws voor waar aan te nemen. Ik loop voor Israël omdat ik pro Israël ben. Waarschijnlijk ben ik één van de weinigen die overgebleven is. Het zij zo.
Nog steeds drassig. Het voorjaar is kletsnat. Toch voel ik mij stoer. Door weer en wind stap ik verder. Ik loof en prijs mijn Maker en de Bedenker van het universum.
Uit het drassige bos stap ik weer de bevolkte wereld binnen. Het treft mij dat ik ook stolpersteinen van verzetsmensen tegenkom. Zo jong nog! Ik kom een oeroude synagoge tegen. Helaas spreek ik geen Hebreeuws en kan ik dus niet vertalen wat er boven de deur beschreven staat,
De tweede wandeling is een week later. Ik stap het station Amersfoort uit. Kom in een chique wijk die mij uiteindelijk 'boven de berg' brengt bij de Stichtse rotonde. Tja die berg... die brengt me terug naar mijn jeugd. Mijn middelbare school staat iets verderop. Ik heb die berg samen met mijn zussen en broer en vele vrienden en vriendinnen jarenlang beklommen op het fietsje. Hijgend kwamen we boven om vervolgens 6 lange uren op school door te brengen. De terugweg ging beter. Nu loop ik de berg af en duik vervolgens rechtsaf het bos in. Na enkele honderden meters kom ik waar ik wezen wilde.
'Het Amersfoortse kamp'.
Die 'stenen man' herinner ik me weer. Hier ben ik eerder geweest tijdens een bosloop met school. De docent vond het belangrijk dat wij wisten wat dit was. Ik was het vergeten. De waarheid gebiedt me te zeggen dat ik in die tijd mijn eigen verdriet meezeulde en ik sommige gebeurtenissen van die tijd ronduit gewist heb. Goed om weer terug te zijn en kennis te nemen van wat zich hier heeft plaatsgevonden. Kamp Amersfoort blijft ons herinneren aan het leed dat 47000 gevangenen doormaakten. Daar heerste een mensonterend regime van honger, mishandeling, dwangarbeid en executies. Daar maakte de vijand de dienst uit met zo'n ongekende wreedheid die hij wel afgekeken moest hebben van de concentratiekampen elders in de wereld. Kamp Amersfoort was van oorsprong een kazerneterrein van het Nederlandse leger. Vanaf 1941 werden er door de nazi's verzetsstrijders, ontduikers van de Arbeitseinsatz, communisten, gijzelaars, criminelen, slachtoffers van razzia's, Joden, Amerikanen, Jehovah's getuigen, Sovjetkrijgsgevangenen, politiemannen en artsen die aangesloten waren bij het artsenverzet.
Hieronder loopgraven (het lukte mij helaas niet meer om daar door te lopen) en de 'stenen man', gemaakt door Frits Sieger (oud-gevangene 40-45). Eén vuist gebald als teken van machteloze woede en zijn ongebroken wil. De open hand beeldt de vertwijfeling uit. Het beeld en de sokkel rusten op een stervormig mozaiek met daarop vijf vredesduiven, die de vijf oorlogsjaren symboliseren
Hieronder de villa, waar ik dagelijks zeven jaar langs gefietst ben. Nooit geweten dat hier de SS'ers huisden.
Bordje bij 'de ladder': Een ladder verbindt laag en hoog, maar waarschijnlijk ook hoog met laag. Een ladder verbindt aarde en hemel, belichaamt het reikhalzen naar datgene wat hoger is dan het menselijke. De ladder als troost, als vluchtweg. Een ladder kan hulp van boven brengen. Velen hoopten toendertijd op hulp van boven, sommigen gaf hulp van boven kracht'
En zo belandt ik op de begraafplaats op de dodeweg. Wederom een weg waar wij als jeugd dag in dag uit door fietsten om op school te komen. Pas later, lang nadat ik de school had verlaten zijn er monumenten geplaatst voor de Russen die vochten tegen de nazi's. Velen zijn naamloos begraven als 'de vergeten soldaat'. Honderden graven van jonge Russen die hun leven gaven om ons te bevrijden. Er was nog één groep Russen waar ik nog de aandacht op wil vestigen. Een bordje langs de kant van de weg, vertelde mij dat dit een groep van 71 Russen was. Ze zagen er zwaar verwaarloosd, verziekt en verzwakt uit. Ze dienden als levend propagandamateriaal en werden aan de Amersfoorters ten toon gespreid. Alsof de vijand wilde zeggen 'kijk, dit zijn nou die untermenschen waar wij ons tegen verzetten. Sluiten jullie je als Germaans volk nou maar bij ons aan, dan kunnen we samen tegen deze untermenschen vechten'. Maar tot verrassing van de Duitsers gingen de Amersfoorters niet mee in dit nazigedachtegoed. Ze wilden de arme Russen eten geven en drinken, hen voorzien van warme kleding. Dit was echter niet wat de Duitsers wilden. Ongeveer 20 Russen stierven in erbarmelijke omstandigheden en de overige Russen van die groep werden gefusilleerd in kamp Amersfoort
Ik verlaat kamp Amersfoort en de begraafplaats met honderden Russen en loop richting het station.
Onderweg kom ik ondergenoemde tegen. Loesje heeft helemaal gelijk.
Vrijheid is niet vrijblijvend
Vrijblijvendheid heeft miljoenen het leven gekost!!










Reacties
Een reactie posten